Robin Bohnen Contact →
Robin Bohnen/Journal/Negatieve stroomprijzen uitgelegd

Negatieve stroomprijzen uitgelegd — krijg je écht geld toe?

Het is hartje zomer, en op zonnige middagen kleurt het prijsverloop in SlimHuys weer rood ónder de nullijn: de kale stroomprijs is negatief. "Betaald worden om stroom te gebruiken" haalt dan steevast de krantenkoppen. De werkelijkheid is genuanceerder — en interessanter. Hoe ontstaat een negatieve prijs, wat blijft er ná belastingen van over, en waarom kost terugleveren op zo'n moment juist geld?

Hoe zakt een prijs onder nul?

De prijs die je met een dynamisch contract betaalt, komt van de day-aheadmarkt van de EPEX: een veiling waar elke dag rond het middaguur de stroomprijzen voor de volgende dag worden bepaald — sinds oktober 2025 niet meer per uur, maar per kwartier. Vraag en aanbod bepalen de prijs, en dat aanbod is de afgelopen jaren fundamenteel veranderd: op een zonnige middag produceren de Nederlandse zonnepanelen samen meer dan het net op dat moment kwijt kan aan vraag.

Normaal gesproken zou aanbod dat niemand wil gewoon uitgezet worden. Maar drie soorten producenten blijven ook bij een prijs van nul doorleveren:

  • Zonnepanelen op daken. Miljoenen kleine installaties die helemaal niet naar de prijs kijken — zeker zolang de eigenaar saldeert, voelt die er niets van.
  • Must-run-productie. Centrales die warmte leveren aan industrie of stadsverwarming, en installaties waarvoor stoppen en herstarten duurder is dan even doorproduceren tegen verlies.
  • Gesubsidieerde parken. Wind- en zonneparken met subsidie hadden lang weinig reden om af te schakelen; de subsidieregels zijn er inmiddels op aangepast dat er bij negatieve prijzen niet meer wordt uitgekeerd, maar de prikkel werkt nog niet overal even hard.

Als het aanbod bij prijs nul nog steeds groter is dan de vraag, moet de prijs verder dalen tot er partijen zijn die bereid zijn stroom op te nemen — grote batterijen, elektrolyse, flexibele industrie. Zo ontstaat een negatieve kwartierprijs. Wat een curiositeit was, is inmiddels routine: het gaat in Nederland om honderden uren per jaar, geconcentreerd op zonnige middagen in het weekend en op feestdagen, wanneer de vraag laag is en de zonneproductie piekt.

Krijg je écht geld toe?

Hier komt de nuance. De EPEX-prijs is maar één laag van wat je als consument per kWh betaalt. Daarbovenop komen de inkoopvergoeding van je leverancier, de energiebelasting — een vast bedrag van ruim tien cent per kWh — en btw. Die opslagen bewegen niet mee met de markt.

De rekensom
Staat de kale prijs op −5 cent per kWh, dan betaal je all-in nog steeds ruwweg 8 à 10 cent — de energiebelasting en de opslag van je leverancier gaan er immers gewoon overheen. Pas als de EPEX-prijs dieper negatief gaat dan al die vaste lagen samen, krijg je werkelijk geld toe. Dat gebeurt, maar het is de uitzondering, niet de regel.

"Gratis stroom" is dus meestal geen gratis stroom, maar wel heel goedkope stroom — en dat is voor de praktijk net zo interessant. Een negatief kwartier van −5 cent scheelt ten opzichte van een avondpiek van 35 cent all-in al gauw een factor drie tot vier. Precies dit verschil maak ik met SlimHuys zichtbaar: niet de kale beursprijs, maar het all-in tarief per leverancier, want dat is het bedrag dat op je factuur landt.

Zonnepanelen: de omgekeerde wereld

Voor zonnepaneelbezitters met een dynamisch contract draait de logica tijdens negatieve kwartieren om: terugleveren kost dan geld. Jij ontvangt immers de marktprijs voor je teruggeleverde stroom — en die is negatief. Je betaalt dus om je eigen zonnestroom kwijt te raken, uitgerekend op het moment dat je panelen op hun hardst staan te produceren.

Zolang de salderingsregeling nog loopt (tot 1 januari 2027) wordt dit effect voor veel mensen nog gedempt, en wie een vast contract heeft merkt er niets direct van — al betalen die huishoudens er indirect aan mee via de terugleverkosten die veel leveranciers inmiddels rekenen. Maar met dynamisch en zeker ná de saldering is het antwoord praktisch: niet terugleveren tijdens negatieve kwartieren. Steeds meer omvormers en energiemanagementsystemen kunnen automatisch afregelen zodra de prijs onder een grens zakt; wie een thuisbatterij heeft, laadt die op zo'n moment juist vol.

Wat kun je er als huishouden mee?

Negatieve en zeer lage prijzen zijn vooral een uitnodiging om verbruik te verschuiven. De grote klappers, in volgorde van impact:

  • De elektrische auto. Veruit de grootste verschuifbare verbruiker in huis. Laden op de goedkoopste kwartieren in plaats van direct bij thuiskomst scheelt structureel geld.
  • De thuisbatterij. Laden als de prijs (bijna) negatief is, ontladen in de avondpiek — de rekensom daarvan maakte ik in het thuisbatterij-artikel.
  • Boiler en warmtepomp. Warm water is opslag; een slimme sturing verwarmt op de goedkope momenten.
  • Wasmachine, droger, vaatwasser. Kleiner effect, maar gratis te verzilveren met een startknop op het juiste moment.

Handmatig prijzen zitten kijken is leuk voor een week; daarna wil je het automatiseren. Met de Home-Assistant-integratie van SlimHuys stuur je automatiseringen aan op het all-in tarief van jouw leverancier — de auto laadt, de boiler verwarmt en de omvormer regelt af zonder dat je ernaar hoeft om te kijken.

Waarom dit voorlopig niet overgaat

Negatieve prijzen zijn geen storing in het systeem — ze zijn het prijssignaal van een elektriciteitsmarkt met veel zon en nog te weinig flexibiliteit. Zolang er meer zonnevermogen bijkomt dan opslag en verschuifbare vraag, zullen zonnige middagen vaker en dieper negatief worden, en de avonden relatief duur blijven. De overstap naar kwartierprijzen maakt dat signaal alleen maar scherper zichtbaar: de diepste dips en hoogste pieken die vroeger in een uurgemiddelde verdwenen, staan nu apart op de kaart.

Voor het net is dat een uitdaging; voor huishoudens met een dynamisch contract en een beetje automatisering is het een kans. Elke batterij, elke slim geladen auto en elke afgeregelde omvormer is precies de flexibiliteit waar die negatieve prijs om vraagt.

Conclusie

Een negatieve stroomprijs betekent zelden dat je geld toe krijgt — daarvoor liggen de energiebelasting en de leveranciersopslag als vaste laag over de marktprijs heen. Maar als signaal is hij glashelder: op dat moment is stroom overvloedig, en wie zijn verbruik daarnaartoe kan verschuiven, plukt daar direct de vruchten van. Zonnepaneelbezitters moeten vooral het omgekeerde onthouden: tijdens negatieve kwartieren is terugleveren de duurste optie. Kijk dus niet naar de krantenkop, maar naar je eigen all-in tarief — en laat je apparaten het werk doen.